Praktijk

  • De methode kan vanaf de tweede helft van groep 3 worden ingezet, zodat leerlingen direct de juiste methodiek aanleren.
  • De leerkracht speelt een belangrijke rol. Er wordt voorgedaan hoe een tekst goed gelezen wordt. Daarbij staan visualiseren, woordenschat uitbreiding, voorspellen en samenvatten centraal.
  • Na het lezen van de tekst stelt de leerkracht vragen. De leerlingen beantwoorden deze vragen. Daarbij moeten zij het antwoord kunnen aanwijzen in de tekst. De leerlingen geven vanaf de eerste les antwoord in correcte en volledige zinnen.
  • Het schriftelijk beantwoorden van zowel open als meerkeuze vragen wordt geoefend in werkboeken.
  • De verhalen van Ha, ik snap het! lopen van AVI-start tot en met E4.
  • Alle opgenomen illustraties zijn functioneel. Er komen ook andersoortige teksten aan bod, zoals een krantenartikel, uitnodiging, recepten en gedichten.
  • De bijgeleverde boekenkast zorgt voor uren leesplezier. De inhoud sluit goed aan bij de belevingswereld van de leerlingen. Als een leerling een boek uit heeft, beantwoordt hij of zij een vraag over dit boek. Daarnaast is het ook mogelijk om bij een boek schriftelijke vragen te beantwoorden. Op deze manier kan een leerling laten zien wat hij of zij kan, en krijgt hij of zij direct feedback.